Art. 1:251 Burgerlijk Wetboek Boek 1
Lid 1
Gedurende hun huwelijk oefenen de ouders het gezag gezamenlijk uit.
Lid 2
Na ontbinding van het huwelijk anders dan door de dood of na scheiding van tafel en bed blijven de ouders die gezamenlijk het gezag hebben, dit gezag gezamenlijk uitoefenen.