Artikel 105 Grondwet
Lid 1
De begroting van de ontvangsten en de uitgaven van het Rijk wordt bij de wet vastgesteld.
Lid 2
Jaarlijks worden voorstellen van algemene begrotingswetten door of vanwege de Koning ingediend op het in artikel 65 bedoelde tijdstip.
Lid 3
De verantwoording van de ontvangsten en de uitgaven van het Rijk wordt aan de Staten-Generaal gedaan overeenkomstig de bepalingen van de wet. De door de Algemene Rekenkamer goedgekeurde rekening wordt aan de Staten-Generaal overgelegd.
Lid 4
De wet stelt regels omtrent het beheer van de financiën van het Rijk.