Artikel 125 Wet op de rechterlijke organisatie

De taken en bevoegdheden van het openbaar ministerie worden, op de wijze bij of krachtens de wet bepaald, uitgeoefend door:

  1. het College van procureurs-generaal; en

  2. rechterlijke ambtenaren, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 6° en 7°.