Artikel 91 Wet op de rechterlijke organisatie

Lid 1

De Raad is belast met:

  1. de voorbereiding van de begroting voor de Raad en de gerechten gezamenlijk;

  2. de toekenning van budgetten ten laste van de rijksbegroting aan de gerechten;

  3. de ondersteuning van de bedrijfsvoering bij de gerechten;

  4. het toezicht op de uitvoering van de begroting door de gerechten;

  5. het toezicht op de bedrijfsvoering bij de gerechten;

  6. landelijke activiteiten op het gebied van werving, selectie, aanstelling, benoeming en opleiding van het personeel bij de gerechten.

Lid 2

Ter uitvoering van de in het eerste lid, onder c en e, genoemde taken is de zorg van de Raad in het bijzonder gericht op:

  1. automatisering en bestuurlijke informatievoorziening;

  2. huisvesting en beveiliging;

  3. de kwaliteit van de bestuurlijke en organisatorische werkwijze van de gerechten;

  4. personeelsaangelegenheden;

  5. overige materiële voorzieningen.