Afdeling 5.3. Verbouw
Wordt genoemd in:
Artikel 5.8
Lid 1
De regels in deze afdeling zijn op een gebruiksfunctie van toepassing voor zover deze in tabel 5.8a of 5.8b voor die gebruiksfunctie zijn aangewezen.
Lid 2
Als in een regel in deze afdeling een artikel uit hoofdstuk 4 van toepassing is verklaard, dan volgt uit de tabel bij dat artikel welke leden op een gebruiksfunctie van toepassing zijn.
Tabel 5.8agebruiksfunctie
leden van toepassing
constructieve veiligheid
constructieve veiligheid bij brand
hoogte afscheiding
beperken van het ontstaan van
een brandgevaarlijke situatie
beperking van het ontwikkelen
van brand en rook
beperking van uitbreiding van brand
verdere beperking van uitbreiding van
brand en beperking van rook
bescherming tegen geluid
van gebouwinstallaties
luchtverversing
afvoer van rookgas en toevoer van
verbrandingslucht
verblijfsgebied en verblijfsruimte
toiletruimte
badruimte
artikel
5.9
5.10
5.10a
5.11
5.12
5.13
5.13a
5.14
5.15
5.16
5.17
5.18
5.19
lid
1
2
*
1
2
*
1
2
*
*
1
2
1
2
1
2
3
*
*
*
1
Woonfunctie
a
voor verhuur
1
2
*
1
–
*
1
–
*
*
1
2
1
2
1
2
3
*
*
*
b
overige woonfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
*
1
2
1
2
1
2
3
*
*
*
2
Bijeenkomstfunctie
a
voor kinderopvang met bedgebied
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
b
andere bijeenkomstfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
3
Celfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
4
Gezondheidszorgfunctie
a
met bedgebied
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
b
andere gezondheidszorgfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
5
Industriefunctie
a
lichte industriefunctie voor het houden van dieren
1
2
*
–
–
*
1
2
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
b
andere industriefunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
6
Kantoorfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
7
Logiesfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
8
Onderwijsfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
9
Sportfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
10
Winkelfunctie
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
11
Overige gebruiksfunctie
a
voor het personenvervoer
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
b
andere overige gebruiksfunctie
1
2
–
–
–
*
1
–
*
–
1
–
1
2
1
2
3
–
–
–
12
Bouwwerk geen gebouw zijnde
a
wegtunnel met een tunnellengte van meer dan 250 m
1
2
*
–
–
*
1
–
*
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
b
voor langzaam verkeer
1
2
*
–
2
*
1
–
*
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
c
ander bouwwerk geen gebouw zijnde
1
2
*
–
–
*
1
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
Tabel 5.8bgebruiksfunctie
energiezuinigheid
vluchten bij brand
technische bouwsystemen
verslaglegging
onverwarmde en ongekoelde verblijfsruimte
oplaadpunten en leidingdoorvoeren
oplaadpunten elektrische voertuigen
fysieke gigabitinfrastructuur
Afbakening maatwerkvoorschriften fysieke
gigabitinfrastructuur
artikel
5.20
5.20a
5.21
5.21a
5.21b
5.21c
5.21d
5.21e
5.21f
lid
1
2
3
4
5
6
7
8
*
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
*
*
*
1
Woonfunctie
a
voor studenten
1
2
3
4
5
6
7
8
*
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
–
–
b
overige woonfunctie
1
2
3
4
5
6
7
8
*
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
2
Bijeenkomstfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
3
Celfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
4
Gezondheidszorgfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
5
Industriefunctie
a
lichte industriefunctie
1
2
–
4
5
–
–
–
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
–
–
b
andere industriefunctie
1
2
–
4
5
–
–
–
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
6
Kantoorfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
7
Logiesfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
8
Onderwijsfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
9
Sportfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
10
Winkelfunctie
1
2
–
4
5
6
7
8
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
*
*
11
Overige gebruiksfunctie
a
voor het personenvervoer
–
–
–
–
–
–
–
–
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
–
–
b
andere overige gebruiksfunctie
–
–
–
–
–
–
–
–
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
*
–
–
12
Bouwwerk geen gebouw zijnde
–
–
–
–
–
–
–
–
–
1
2
3
4
5
6
1
2
*
1
2
3
–
–
–
Artikel 5.9
Lid 1
Op het verbouwen van een bouwwerk zijn de artikelen 4.12 tot en met 4.14 van toepassing, waarbij in plaats van het in die artikelen aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het niveau voor verbouw zoals aangegeven in NEN 8700.
Lid 2
Op het verbouwen van een drijvend bouwwerk zijn de artikelen 4.15a tot en met 4.15e van toepassing.
Artikel 5.10
Op het verbouwen van een bouwwerk zijn de artikelen 4.17 en 4.18 van toepassing, waarbij in plaats van het in artikel 4.17 aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau en waarbij, in afwijking van artikel 4.17, eerste lid, wordt uitgegaan van de buitengewone belastingscombinaties die volgens NEN 8700 kunnen optreden bij brand.
Artikel 5.10a
Lid 1
Bij het geheel vernieuwen van een raam met kozijn zijn op de vloerafscheiding ter plaatse van dit raam de artikelen 4.20, eerste lid, 4.21, derde lid, en 5.9 van toepassing. Dit geldt niet als de bestaande vloerafscheiding onder het raam met kozijn een hoogte heeft van ten minste 0,85 m, gemeten vanaf de vloer.
Lid 2
Bij het verbouwen van een bouwwerk geen gebouw zijnde, geldt in afwijking van artikel 5.4 het in artikel 4.21, zesde lid, aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.11
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt het in de artikelen 4.38 tot en met 4.40 aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.12
Lid 1
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in aanvulling op artikel 5.4, het in artikel 4.44, derde lid, aangegeven prestatieniveau.
Lid 2
Bij het verbouwen van het bouwwerk gelden, in aanvulling op artikel 5.4, het in de artikelen 4.43, eerste lid, en 4.45a, eerste en tweede lid, aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.13
Bij het verbouwen van een bouwwerk wordt, in aanvulling op artikel 5.4, uitgegaan van de in paragraaf 4.2.8 bedoelde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van ten minste 30 minuten, of het rechtens verkregen niveau als dat hoger is.
Artikel 5.13a
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt in afwijking van artikel 5.4 het in artikel 4.62, vierde lid, aangegeven prestatieniveau. Dit geldt ook voor een beschermde route.
Artikel 5.14
Lid 1
Bij het verbouwen van een bouwwerk zijn, in afwijking van artikel 5.4, de artikelen 4.107, eerste lid, en 4.108, eerste en tweede lid, van toepassing, waarbij wordt uitgegaan van een niveau van eisen dat 10 dB lager is dan het in de artikelen 4.107, eerste lid, en 4.108, eerste en tweede lid, aangegeven prestatieniveau, of van het rechtens verkregen niveau als dat hoger is.
Lid 2
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in afwijking van artikel 5.4, het in de artikelen 4.107, tweede lid, en 4.108, derde lid, aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.15
Lid 1
Bij het installeren van een voorziening voor luchtverversing gelden, in aanvulling op artikel 5.4, de in de artikelen 4.126, 4.127 en 4.138, eerste lid, aangegeven prestatieniveaus.
Lid 2
Het eerste lid is niet van toepassing op het vervangen van een bestaande voorziening waarbij de plaats van de uitmonding of toevoeropening niet wijzigt.
Artikel 5.16
Lid 1
Bij het installeren van een afvoervoorziening voor rookgas gelden, in aanvulling op artikel 5.4, de in de artikelen 4.138 en 4.141 aangegeven prestatieniveaus.
Lid 2
Bij het installeren van een toevoervoorziening voor verbrandingslucht gelden, in aanvulling op artikel 5.4, de in artikel 4.139 aangegeven prestatieniveaus.
Lid 3
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op het vervangen van een bestaande voorziening waarbij de plaats van de uitmonding of toevoeropening niet wijzigt.
Artikel 5.17
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in afwijking van artikel 5.4, voor de in het vierde lid van artikel 4.164 bedoelde hoogte boven de vloer van een verblijfsgebied en een verblijfsruimte, een hoogte van ten minste 2,1 m.
Artikel 5.18
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in afwijking van artikel 5.4, voor de in artikel 4.167, tweede lid, bedoelde hoogte boven de vloer van een toiletruimte, een hoogte van ten minste 2 m.
Artikel 5.19
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in afwijking van artikel 5.4, voor de in artikel 4.170, derde lid, bedoelde hoogte boven de vloer van een badruimte, een hoogte van ten minste 2 m.
Artikel 5.20
Lid 1
Bij het verbouwen van een bouwwerk is artikel 4.149 niet van toepassing en is het in artikel 4.152 bedoelde niveau voor de warmteweerstand niet lager dan 1,4 m2•K/W of geldt het rechtens verkregen niveau als dat hoger is.
Lid 2
In afwijking van het eerste lid geldt bij het vernieuwen of vervangen van isolatielagen een warmteweerstand van ten minste 2,6 m2.K/W voor een vloer, 1,4 m2.K/W voor een gevel en 2,1 m2.K/W voor een dak, bepaald volgens NTA 8800, en bij het vernieuwen of vervangen van ramen, deuren en kozijnen een warmtedoorgangscoëfficiënt van ten hoogste 2,2W/m2•K, bepaald volgens NTA 8800, of het rechtens verkregen niveau als dat hoger is.
Lid 3
Bij het geheel oprichten of geheel vernieuwen van een dakkapel of van een bijbehorend bouwwerk gelden, in afwijking van het eerste lid, de in de artikelen 4.152 en 4.153 aangegeven prestatieniveaus.
Lid 4
Bij een ingrijpende renovatie als bedoeld in artikel 2 van de richtlijn energieprestatie gebouwen geldt, in afwijking van het eerste lid, het in artikel 4.152 aangegeven prestatieniveau.
Lid 5
Van ingrijpende renovatie is sprake wanneer meer dan 25% van de oppervlakte van de bouwschil, bepaald volgens ISSO 75.1, wordt verbouwd en deze verbouw de integrale bouwschil betreft.
Lid 6
Bij een ingrijpende renovatie of wanneer het verwarmingssysteem geheel wordt vernieuwd voldoet een gebruiksfunctie aan een minimumwaarde voor hernieuwbare energie van 30 x (Aroof / Ag;tot) kWh/m2.jr, bepaald volgens NTA 8800, waarbij Aroof / Ag;tot ten hoogste 1,0 is.
Lid 7
Het zesde lid is niet van toepassing op een bouwwerk:
voor zover artikel 4.155 van toepassing is;
dat is aangesloten of aantoonbaar binnen drie jaar na de renovatie wordt aangesloten op een warmtenet als bedoeld in artikel 1 van de Warmtewet;
voor zover het als gevolg van locatiegebonden omstandigheden of bouwtechnische belemmeringen niet mogelijk is aan de minimumwaarde voor hernieuwbare energie te voldoen; of
waarbij de maatregelen die nodig zijn om aan de minimumwaarde voor hernieuwbare energie te voldoen een terugverdientijd hebben van meer dan 10 jaar, mits de maximale hoeveelheid hernieuwbare energie wordt gerealiseerd die mogelijk is met maatregelen die een terugverdientijd hebben van ten hoogste 10 jaar.
Artikel 5.20a
Bij het verbouwen van een bouwwerk geldt, in afwijking van artikel 5.4, het in artikel 4.218, eerste en vierde lid, aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.21
Lid 1
Bij het plaatsen of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een technisch bouwsysteem waarbij de energieprestatie wordt beïnvloed voldoet dat technische bouwsysteem aan de in tabel 5.21 opgenomen waarde voor de energieprestatie.
Lid 2
Een technisch bouwsysteem is adequaat gedimensioneerd, geïnstalleerd, ingeregeld en instelbaar.
Lid 3
Een technisch bouwsysteem voor ruimteverwarming is na het vervangen van een warmtegenerator zelfregulerend per verblijfsgebied of verblijfsruimte.
Lid 4
Een technisch bouwsysteem voor ruimteverwarming in een bouwwerk dat is aangesloten op het in het warmteplan bedoelde distributienet voor warmte is na het vervangen van de afleverset voor warmte per verblijfsgebied of verblijfsruimte zelfregulerend.
Lid 5
Als een technisch bouwsysteem bestaat uit een combinatie van de in de tabel opgenomen bouwsystemen, worden de in het eerste lid bedoelde eisen naar rato berekend op basis van de eisen die gelden voor de systemen die deel uitmaken van de combinatie.
Lid 6
Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing als de kosten voor het aanbrengen van zelfregulerende apparatuur meer dan 20% bedragen van de kosten van het technisch bouwsysteem voor ruimteverwarming.
Tabel 5.21Technisch bouwsysteem
Waarde voor de energieprestatie woonfunctie
Waarde voor de energieprestatie overig
Ruimteverwarming
≤1,31
≤1,31
Ruimtekoeling
≤1,33
≤1,33
Ventilatie
–
≤3,8 kWh/(m3/u)
Warm tapwater
≤3,45
≤3,45
Ingebouwde verlichting
–
≤75kWhprim/m2
Artikel 5.21a
Lid 1
De energieprestatie van de in artikel 5.21 bedoelde technische bouwsystemen wordt beoordeeld en gedocumenteerd door de installateur en overhandigd aan de gebouweigenaar.
Lid 2
In afwijking van het eerste lid mag bij het gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een technisch bouwsysteem worden volstaan met documentatie van de energieprestatie van de gewijzigde onderdelen.
Artikel 5.21b
Op een verblijfsruimte die niet bestemd is om te worden verwarmd of gekoeld, of waarbij de verwarming of koeling uitsluitend is bestemd voor een ander doel dan het verblijven van personen zijn de eisen aan ruimteverwarming en ruimtekoeling, bedoeld in de artikelen 5.21, derde en vierde lid, en 5.21a, niet van toepassing.
Artikel 5.21c
Lid 1
Bij ingrijpende renovatie als bedoeld in artikel 2 van de richtlijn energieprestatie gebouwen zijn, in afwijking van artikel 5.4, de voorschriften van artikel 4.160b van overeenkomstige toepassing:
in geval van een parkeergelegenheid in een gebouw, als de renovatie betrekking heeft op de parkeergelegenheid of de elektrische infrastructuur van het gebouw; of
in geval van een parkeergelegenheid gelegen buiten het gebouw op hetzelfde bouwwerkperceel, als de renovatie betrekking heeft op de parkeergelegenheid of de elektrische infrastructuur van de parkeergelegenheid.
Lid 2
Het eerste lid is niet van toepassing als de kosten voor het aanleggen van de oplaadpunten en de leidingdoorvoeren meer dan 7% bedragen van de kosten van de ingrijpende renovatie.
Lid 3
Van ingrijpende renovatie is sprake wanneer meer dan 25% van de oppervlakte van de bouwschil, bepaald volgens ISSO 75.1, wordt verbouwd en deze verbouw de integrale bouwschil betreft.
Artikel 5.21d
Bij het installeren van oplaadpunten voor elektrische voertuigen in een overige gebruiksfunctie voor het stallen van motorvoertuigen geldt, in aanvulling op artikel 5.4, het in de artikelen 4.199 en 4.230a aangegeven prestatieniveau.
Artikel 5.21e
Bij een ingrijpende renovatie als bedoeld in artikel 2 van de richtlijn energieprestatie gebouwen gelden, in afwijking van artikel 5.4, de voorschriften van artikel 4.244 en 4.245.
Artikel 5.21f
In afwijking van artikel 5.3a, tweede lid, kan een maatwerkvoorschrift of vergunningvoorschrift over artikel 5.21e alleen worden gesteld als naleving van dat artikel technisch onhaalbaar is of de kosten onevenredig verhoogt, waarbij afwijken alleen versoepelen kan inhouden.