Artikel 9.3 Tijdelijke Wet Groningen

Lid 1

De vergoeding, bedoeld in artikel 22b, zesde lid, van de wet bedraagt:

  1. bij een gebouw dat niet gesplitst is in appartementsrechten: € 13.000 per adres; en

  2. bij een gebouw dat is gesplitst in appartementsrechten: € 13.000 per adres dat op 6 november 2020 bestond.

Lid 2

De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt uitgekeerd aan de eigenaar.

Lid 3

De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt uitgekeerd aan de houder van de appartementsrechten van dat adres.