Art. 8:213 Burgerlijk Wetboek Boek 8
Lid 1
De bevoorrechte vorderingen, genoemd in artikel 211, nemen rang in de volgorde, waarin zij daar zijn gerangschikt.
Lid 2
Bevoorrechte vorderingen onder dezelfde letter vermeld, staan in rang gelijk, doch de vorderingen genoemd in artikel 211 onder c nemen onderling rang naar de omgekeerde volgorde van de tijdstippen, waarop zij ontstonden.
Lid 3
In rang gelijkstaande vorderingen worden ponds-pondsgewijs betaald.