Artikel 61 Wetboek van Strafrecht
Lid 1
De betrekkelijke zwaarte van ongelijksoortige hoofdstraffen wordt bepaald door de volgorde van artikel 9.
Lid 2
Waar de rechter de keuze tussen twee hoofdstraffen is gelaten, komt bij de vergelijking alleen de zwaarste van die straffen in aanmerking.
Lid 3
De betrekkelijke zwaarte van gelijksoortige hoofdstraffen wordt bepaald door het maximum.
Lid 4
De betrekkelijke duur, zowel van ongelijksoortige als van gelijksoortige hoofdstraffen, wordt eveneens bepaald door het maximum.