Artikel 5.6 Besluit activiteiten leefomgeving

Lid 1

Als de bodem is verontreinigd, wordt uiterlijk zes maanden na het toezenden van het rapport van het bodemonderzoek bij het beëindigen van de activiteit de bodemkwaliteit hersteld tot:

  1. de bodemkwaliteit en grondwaterkwaliteit, die is vastgesteld voor het begin van de activiteit:

    1. voor zover een activiteit plaatsvindt op de landbodem: in een rapport volgens NEN 5740; of

    2. voor zover een activiteit plaatsvindt in een oppervlaktewaterlichaam: in een rapport volgens NEN 5720;

  2. de bodemkwaliteit van de locatie waarop de activiteit is verricht, zoals die is vastgelegd op een bodemkwaliteitskaart als bedoeld in artikel 25c, derde lid, van het Besluit bodemkwaliteit; of

  3. de volgende kwaliteitsklasse, bedoeld in artikel 25d van het Besluit bodemkwaliteit:

    1. voor zover een activiteit plaatsvindt op de landbodem: de kwaliteitsklasse landbouw/natuur; of

    2. voor zover een activiteit plaatsvindt in een oppervlaktewaterlichaam: de kwaliteitsklasse niet verontreinigd.

Lid 2

Het herstel wordt verricht door een onderneming met een erkenning bodemkwaliteit voor BRL SIKB 7000.

Lid 3

Het herstel wordt milieukundig begeleid door een onderneming met een erkenning bodemkwaliteit voor BRL SIKB 6000.