Afdeling 2.1. Toepassingsbereik
Artikel 2.1
De hoofdstukken 2 tot en met 5 gaan over milieubelastende activiteiten die zijn aangewezen in hoofdstuk 3 en lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch werk die daarbij worden verricht, of die zijn aangewezen in hoofdstuk 3.
Artikel 2.2
Lid 1
De regels in de hoofdstukken 2 tot en met 5 over milieubelastende activiteiten zijn gesteld met het oog op:
het waarborgen van de veiligheid;
het beschermen van de gezondheid; en
het beschermen van het milieu, voor zover het gaat om:
het beschermen tegen milieuverontreiniging;
het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;
het doelmatig gebruik van energie en grondstoffen;
een doelmatig beheer van afvalstoffen;
het voorkomen of beperken van geluidhinder, trillinghinder, lichthinder en geurhinder;
het beperken van de kans op en het voorkomen van ongewone voorvallen en de nadelige gevolgen daarvan, bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de wet;
het beschermen van de doelmatige werking van voorzieningen voor het beheer van afvalwater;
het voorkomen en beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste; of
het vervullen van maatschappelijke functies door watersystemen.
Lid 2
De regels in de hoofdstukken 2 tot en met 5 over lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch werk zijn gesteld met het oog op:
het voorkomen en beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste;
het beschermen en verbeteren van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;
het vervullen van maatschappelijke functies door watersystemen; en
het beschermen van de doelmatige werking van het zuiveringtechnisch werk.