Artikel 8.62d Besluit kwaliteit leefomgeving
Lid 1
Aan een omgevingsvergunning worden voorschriften verbonden die inhouden dat het aanbrengen en in werking stellen en houden van een geohydrologisch isolatiesysteem mogelijk moet blijven.
Lid 2
Aan een omgevingsvergunning worden voorschriften verbonden die inhouden dat:
als een geohydrologisch isolatiesysteem is aangebracht, dit systeem in goede staat van onderhoud wordt gehouden en zo nodig wordt hersteld; en
het met behulp van een geohydrologisch isolatiesysteem opgepompte water zo wordt opgevangen, verzameld en gezuiverd of afgevoerd dat geen gevaar bestaat voor verontreiniging van de bodem of het grondwater.