Artikel 1:37 Wet op het financieel toezicht

Lid 1

De toezichthouder legt een voorgenomen statutenwijziging ter voorafgaande instemming voor aan Onze Minister. De artikelen 10:29 tot en met 10:31 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

Lid 2

De instemming, bedoeld in het eerste lid, kan worden geweigerd:

  1. indien de statuten na wijziging onvoldoende zijn afgestemd op het in deze wet bepaalde;

  2. indien de statuten na wijziging onvoldoende waarborgen bieden voor een onafhankelijke taakvervulling door de toezichthouder;

  3. wegens strijd met het recht of het algemeen belang.